Home

Algemeen

Voorwoord

Welkom bij de Jaarrekening 2025.

De jaarrekening is de verantwoording over het jaar 2025. Hierin staat wat er bereikt is van de gestelde doelen en resultaten voor het jaar 2025. Er staat ook in wat dat gekost heeft.

Het rekeningsaldo over 2025 is € 7.389.000. Bij de Najaarsnota 2025 gingen we uit van een voordelig saldo van € 5.673.000. Het werkelijke saldo is € 1.716.000 voordeliger dan begroot.

Bedragen x € 1.000

Rekeningresultaat

Saldo van baten en lasten

5.593

Mutaties in reserves

1.796

Gerealiseerd resultaat

7.389

Als we de financiële resultaten vergelijken met het actuele begrotingssaldo 2025, dan laat dit het volgende beeld zien.

Bedragen x € 1.000

Programma

Begroting 2025 Primair Saldo

Begroting 2025 Actueel Saldo

Rekening 2025 Saldo

Verschil Begroting Rekening

Mens en Samenleving

-36.464

-40.008

-36.416

3.592

Leefomgeving, Duurzaamheid en Mobiliteit

-13.795

-15.942

-11.052

4.890

Economie, Werk en Inkomen

-14.755

-15.808

-13.559

2.249

Bestuur, Dienstverlening en Veiligheid

62.633

68.204

66.621

-1.584

Saldo rekening baten en lasten

-2.380

-3.554

5.593

9.148

Toevoeging aan reserves

-345

-8.614

-9.897

-1.282

Onttrekking aan reserves

1.632

17.842

11.693

-6.149

Resultaat rekening baten en lasten

-1.094

5.673

7.389

1.716

Bij de Najaarsnota 2025 waren een aantal van deze financiële voordelen al bekend. In de jaarrekening zijn daar nog aanvullende voordelen bijgekomen, die het resultaat verder positief hebben beïnvloed.
Bij de Najaarsnota 2025 meldden wij al een positieve bijstelling van de algemene uitkering van ruim € 4 miljoen. Dit verschil is voornamelijk toe te schrijven aan extra rijksmiddelen voor het tekort op de Hervormingsagenda Jeugd 2023 en 2024, en aan ruimte binnen het BTW-compensatiefonds. Ten opzichte van de raming bij de Najaarsnota is in de jaarrekening ook een aanvullend voordeel op de algemene uitkering zichtbaar. Deze voordelen zijn van nature lastig eerder te voorzien en kunnen daardoor niet tijdig worden verwerkt in de begroting. Hierdoor zijn ze in het lopende jaar niet direct inzetbaar voor gemeentelijke taken en ambities.
Daarnaast was bij de Najaarsnota sprake van onderuitputting op de kapitaallasten. Dit betekent dat geplande investeringen trager verlopen dan begroot. Dit vraagt om een betere afstemming van projecten op de beschikbare capaciteit en uitvoerbaarheid.

In de begroting 2026 hebben wij een aantal aanpassingen doorgevoerd om de aansluiting tussen begroting en jaarrekening te verbeteren. Zo is de raming van de inkomsten uit de algemene uitkering verhoogd, is de raming van de kapitaallasten nauwkeuriger gemaakt en zijn de geraamde personeelslasten naar beneden bijgesteld.

In de onderstaande tabel zijn de belangrijkste financiële afwijkingen toegelicht. Daarin zijn alle verschillen groter dan € 100.000 opgenomen.

Bedragen x € 1.000

Programma

Toelichting

Verschil

I/S/RES

Mens en Samenleving

-

Er is nog een bedrag van € 91.000 beschikbaar voor onderhoud schoolgebouw de Bron en € 61.000 voor Kentalis. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover.

152

I/RES

-

We ontvangen voor de opvang Oekraïners een rijksbijdrage die gebaseerd is op een normvergoeding. Hetzelfde bedrag ramen we als uitgaaf. Bij de tussentijdse rapportages hebben we de budgetten al bijgesteld met ruim € 1,4 miljoen op basis van de verwachte uitgaven. Achteraf gezien blijkt niet het gehele restant bedrag nodig te zijn geweest. Dat leidt tot een voordeel van €485.000.

485

I

-

Het verschil bij inburgering ontstaat doordat er minder uitgaven zijn gedaan dan begroot. Dit geldt met name voor de opleidingskosten. De opleidingskosten zijn moeilijk in te schatten door de verschillende leerroutes (B1, Z1 en onderwijsroute). Ook is het zo dat deze opleidingen meerdere jaren lopen, een deel van de kosten valt dus niet in 2025. Daarnaast is er een groot restant van de HAR+ regeling (€ 439.000). Dit bedrag wordt door een budgetoverheveling beschikbaar gehouden in 2026. Tot slot verwachten we dat de definitieve beschikking van het rijk lager zal uitvallen dan de voorlopige beschikking dit komt doordat het aantal inburgeringsplichtigen lager is dan vooraf geprognotiseerd door het rijk. Dit komt voornamelijk omdat we relatief veel grote gezinnen hebben gehuisvest. Kinderen tellen wel mee voor de taakstelling, maar zijn niet inburgeringsplichtig waardoor we voor hen geen geld ontvangen voor de inburgering.

706

I

-

In december 2025 heeft de gemeente een bedrag van € 220.000 ontvangen voor Alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV-ers). Dit budget is maar voor een heel klein deel uitgegeven in 2025. Het restant (€ 194.499) willen we overhevelen naar 2026 en is opgenomen in de budgetoverhevelingen.

220

I

-

Investeringsbijdrage krediet Mallemolen, het bedrag van € 403.000 is voor de eeenmalige kosten van het project. Hier saat lagere bijdrage uit reserve lopende projecten tegenover.

403

I/RES

-

Op het budget woonvoorzieningen houden we € 125.000 over. Het grootste deel hiervan (€ 106.000) is bestemd voor scootmobielstallingen, die we verspreid over meerdere jaren plaatsen. Dit hevelen we over naar 2026 door storting in reserve lopende projecten.

125

I/RES

-

We hadden een stabilisatie van de reguliere begeleiding Wmo verwacht, maar de kosten zijn € 120.000 lager uitgevallen. Daarnaast is er een voordeel (€ 45.182) op de uitgaven voor kortdurend verblijf, omdat deze door de gemeente Nijmegen zijn gecompenseerd.

166

I

-

De extra jeugdgelden (Blokhuismiddelen) hebben we in 2025 niet volledig ingezet. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover.

342

I/RES

-

We ontvangen vanuit de regionale samenwerking Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen extra middelen. We vormen een bestemmingsreserve voor de niet bestede middelen van de afgelopen jaren.

562

I

-

Er is steeds meer sprake van specialistische (duurdere) begeleiding binnen de Jeugdhulp. Hierdoor verwachtten we een daling van de reguliere hulp. Deze daling bleef uit, waardoor de kosten € 100.000 hoger uitvielen dan begroot. Daarnaast bedroegen de zorgkosten voor jongeren zonder BSN (niet voorziene kosten) € 100.000 voor begeleiding.

-200

I

-

De zorgkosten voor jongeren zonder BSN (niet voorziene kosten) bedroegen € 209.000 voor jeugdhulp met verblijf. Hiertegenover zien we een lichte daling in de kosten voor zware 24-uursvoorzieningen (€ 62.000) en gezinshuiszorg (€ 34.000). Per saldo komen de zorgkosten voor jeugdhulp met verblijf hoger uit dan begroot.

-113

I

Leefomgeving, Duurzaamheid en Mobiliteit

-

Bij de Najaarsnota 2025 zijn de kapitaallasten bijgesteld. Voor het onderdeel wegen is per abuis een te groot bedrag afgeraamd. Dat leidt nu bij de Jaarrekening tot een nadeel van € 200.000.

-200

I

-

De kosten voor de inzameling van het huishoudelijk afval zijn lager dan begroot en de opbrengst afvalstoffenheffing is hoger dan verwacht. Daarnaast hebben we geen dividenduitkering van de Dar ontvangen. Hier staat een lagere bijdrage uit de voorziening afval tegenover. Per saldo is dit een nadeel van € 107.000.

-107

I

-

De investeringsbijdrage aan het project Zwembad de Lubert is lager dan begroot. Dit komt doordat het project nog niet is afgerond. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover.

504

I/RES

-

Lagere energiekosten voor de parkeergarages, sporthallen, zwembad, kermis en openbare verlichting. Energiekosten lager door LED verlichting en lagere verbruiken.

332

I

-

Doordat de specifieke uitkering van de CDOKE gelden vrij vallen op dit taakveld ontstaat hier een voordeel. Hier staan salariskosten op dit taakveld tegenover.

290

I

-

In 2025 was budget van € 1,29 miljoen beschikbaar voor de Subsidie verduurzaming accommodatie verenigingen. Van dit budget is in 2025 maar een klein deel uitgegeven. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover.

1.236

I/RES

-

We hebben in voorgaande jaren van het Rijk bedragen ontvangen voor Duurzaamheid. Deze bedragen houden we beschikbaar voor duurzaamheid, maar hebben we in 2025 maar voor een klein deel uitgegeven. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover.

420

I/RES

-

Lagere investeringsbijdrage Project Omgevingswet. Door uitstel van de wet is het project vertraagd en loopt voorlopig nog door. Ook de uitgaven verschuiven deels naar de toekomst. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. Daarnaast hebben we in 2025 extra geld van het rijk ontvangen via de algemene uitkering. Het restant van dit bedrag hevelen we over naar 2026.

550

I/RES

-

We hebben een bedrag ontvangen van de ontwikkelaar bij de woningbouwontwikkeling in de Ooijse Graaf. We moeten dit voordeel nemen in de exploitatie van het boekjaar 2025.

738

I

-

De leges omgevingsvergunningen zijn lager dan verwacht. Een deel van de leges die we in 2025 hadden verwacht realiseren we in 2026 en ook nog in de jaren daarna. De datum van aanvraag voor een bouwvergunning van een groter project heeft gevolgen voor de realisatie en kan daarmee deze opbrengst beïnvloeden.

-143

I

-

De Realisatiestimulans is een landelijke regeling die gemeenten financieel ondersteunt bij het bouwen van betaalbare woningen. Over 2025 ontvangen wij een bedrag van € 532.000.

532

I

Economie, Werk en Inkomen

-

De investeringsbijdrage aan het project St. Cecilia is lager dan begroot. Dit komt doordat het project nog niet is afgerond. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover.

121

I/RES

-

Er is voor € 119.000 meer aan bijstandsuitkeringen verstrekt vanwege een toename van het aantal uitkeringsgerechtigden. Over 2025 hebben we recht op een vangnetuitkering. Deze vangnetuitkering valt € 420.647 hoger uit dan begroot vanwege het grotere BUIG tekort en de verlaging van de eigenrisico drempel van 5% naar 2,5%.

302

I

-

De implementatie van de nota minimabeleid en schuldhulpverlening is afgerond. Het resterende budget is in 2025 niet helemaal uitgegeven. Een deel (€ 84.000) valt nu vrij en € 60.000 hevelen we over naar 2026.

144

I/RES

-

Het Werkbedrijf heeft over 2025 een positief resultaat gerealiseerd op Op Weg Naar Werk van € 90.000. De nagekomen eindafrekening 2024 bedroeg daarnaast € 127.247 positief.

217

I

-

Het Werkbedrijf heeft over 2025 een positief resultaat gerealiseerd op Sociale Werkvoorziening van € 6.000. De nagekomen eindafrekening 2024 bedroeg daarnaast € 274.342 positief.

280

I

-

Het Werkbedrijf heeft over 2025 een positief resultaat gerealiseerd op Arbeidsparticipatie van € 117.000.

117

I

-

In 2024 hebben we € 120.328 Rijksbijdrage ontvangen voor de impuls van sociale ontwikkelbedrijven. Dit zetten we in 2026 in. Hier staat lagere bijdrage uit reserve lopende projecten tegenover.

120

I/RES

-

In 2025 zijn we vanuit de gemeente Nijmegen voor € 70.157 gecompenseerd voor het lagere participatiebudget. Daarnaast ontvingen we eenmalig € 55.544 aan Tosss middelen.

126

I

Bestuur, Dienstverlening en Veiligheid

-

De dotatie in 2025 voor de pensioenopbouw van de huidige wethouders is € 767.000 hoger. Dit is hoger doordat de rekenrente gestegen is. Daarnaast gaat het ABP per 1-1-2028 ook de pensioenregeling uitvoeren voor (voormalig) wethouders. Daardoor is de rekenmethodiek aangepast. Dat leidt ook tot een hogere dotatie.

-767

I

-

De ozb opbrengst is € 157.000 lager dan verwacht.

-157

I

-

Lagere bijdrage Munitax. Er zijn mindere bezwaren ontvangen, waardoor met name de kosten voor bezwaarschriften lager zijn.

112

I

-

De hogere algemene uitkering is als volgt te verklaren: afrekening over 2023 en 2024 € +241.000 en decembercirculaire 2025 € - 32.000 (bijstelling van diverse maatstaven voor 2025).

209

I

-

Via de algemene uitkering hebben we in 2024 en 2025 € 240.000 ontvangen voor bluswatervoorzieningen in het buitengebied. We zijn hiervoor samen met de VRGZ een plan aan het maken. We verwachten pas in 2026 kosten te maken. Daarom hevelen we dit bedrag over naar 2026 door storting in de reserve lopende projecten.

240

I/RES

Overhead

De doorbelastingen van de kostenverdeelstaat (= kosten organisatie) zijn per saldo € 522.000 nadelig. De grootste oorzaken van dit verschil zijn:

-

Verplichte dotatie voorziening voormalig personeel en voorziening verlofuren personeel

-482

I

-

UWV-uitkering en doorbelasting aan derden

140

I

-

Diverse kleine verschillen kosten bedrijfsvoering

-180

I

Algemeen

-

Diverse overige verschillen

1.606

I

Saldo voor bestemming

9.148

Reserves

-

De reserve rekeningresultaten is niet ingezet, omdat er geen tekort is.

-355

RES

-

De reserve verwachte begrotingstekorten is niet ingezet, omdat er geen tekort is.

-1.094

RES

-

Hogere dotatie en lagere onttrekking aan de reserve lopende projecten voor diverser projecten/activiteiten.

-5.862

RES

-

Diverse overige verschillen

-121

RES

Mutaties reserves

-7.432

Saldo

1.716

Resultaatbestemming
Van het rekeningsaldo van € 7.389.000 willen we via budgetoverheveling € 922.000 overhevelen naar 2026 voor:

  • invoering Omgevingswet (€ 288.000)
  • opvang alleenstaande minderjarige vreemdelingen (AMV-ers) (€ 195.000)
  • regeling stimuleren uitstroom vergunninghouders uit asielopvang (HAR+) (€ 439.000)

Daarnaast willen we € 675.000 van het saldo toevoegen aan twee nog te vormen bestemmingsreserves:

  • € 532.000 storten in nieuw te vormen reserve 'Realisatiestimulans Woningbouw'.
  • € 143.000 storten in nieuw te vormen reserve 'Beschermd wonen en Maatschappelijke opvang'.

We stellen voor het resterende bedrag van € 5.792.000 toe te voegen aan de Algemene reserve.

Met vriendelijke groet,

Namens het College van burgemeester en wethouders

Ria Barber, wethouder Financiën

Deze pagina is gebouwd op 07/13/2026 15:43:40 met de export van 07/13/2026 11:44:16