Paragrafen

Financiering

Kasstroomprognose

De kasstroomprognose wordt afgeleid van de balansprognose en geeft inzicht in de achterliggende bronnen die de ingaande en uitgaande kasstromen veroorzaken.

Operationele activiteiten die bestaan uit transacties die veelal direct leiden tot opbrengsten en kosten vanuit de normale bedrijfsvoering en uitvoering van beleid. We zien dat de operationele kasstroom positief is (€ 10.828).

De investeringskasstroom geeft aan hoeveel we uitgeven aan investeringen. Deze geldstroom is negatief (€- 8.470) omdat we er geld aan uitgeven.

Als laatste kennen we de kasstroom uit financieringsactiviteiten. Deze bestaat uit de opname en aflossingen van geldleningen.

Bedragen x €1.000

Kasstroom uit operationele activiteiten

2025

Saldo programmarekening

7.389

Afschrijvingen

4.072

Mutatie werkkapitaal:

- Mutatie voorraden

-20

- Mutatie vorderingen

-3.833

- Mutatie kortlopende schulden excl. Bankschulden

4.504

Totaal mutatie werkkapitaal

651

Onttrekkingen reserves

-11.693

Toevoegingen reserves

9.897

Onttrekkingen / vrijval voorzieningen

-2.814

Toevoegingen voorzieningen

3.327

Totaal uit operationele activiteiten

10.828

Kasstroom uit investeringensactiviteiten

Investeringen immateriële vaste activa

16

Desinvesteringen immateriële vaste activa

-

Investeringen materiële vaste activa

-7.465

Desinvesteringen materiële vaste activa (bijdrage derden)

920

Investeringen financiële vaste activa

-3.000

Desinvesteringen financiële vaste activa

1.059

Totaal investeringsactiviteiten

-8.470

Kasstroom uit financieringsactiviteiten

Opname langlopende geldleningen

-

Aflossing langlopende geldleningen

-2.092

Mutatie kasgeldleningen

-

Totaal financieringsactiviteiten

-2.092

Mutatie geldmiddelen

265

De mutatie in geldmiddelen is als volgt te specificeren:

Liquide middelen ultimo vorig dienstjaar:

223

Liquide middelen ultimo dienstjaar:

488

Afname liquide middelen

265

Netto schuldpositie
Per saldo constateren we dat we meer geld willen uitgeven aan investeringen dan we overhouden uit onze operationele geldstroom. Dat houdt in dat we meer geld gaan lenen, onze schuldpositie slechter wordt en onze begroting minder wendbaar.
In onderstaand beeld geven we weer:

  • hoe de schuldpositie zich ontwikkeld ten opzichte van de investeringsambities.
  • hoe de schuldpositie zich ontwikkeld ten opzichte van de normen van de VNG.

Liquiditeitsplanning
Op 31 december 2025 was er sprake van een liquiditeitsoverschot van ongeveer € 9 miljoen. Wij zijn binnen de wettelijk voorgeschreven kasgeldlimiet gebleven. Dit is een norm die aangeeft hoeveel geld we mogen lenen voor een periode korter dan een jaar. Zolang deze situatie zich voordoet en we binnen de kasgeldlimiet blijven kan het liquiditeitstekort met kort geld gefinancierd blijven. Omdat er geheel 2025 sprake is van een liquiditeitsoverschot is dit voor Berg en Dal niet aan de orde.

Het verloop van de liquiditeiten is sterk afhankelijk van de tijd en de mate waarin de voorgenomen investeringen feitelijk worden gerealiseerd. Per kwartaal brengen we de liquiditeiten in beeld en beslissen we hoe één en ander te financieren.

De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) is de huisbankier van de gemeente.
Nagenoeg al het gemeentelijk betalingsverkeer loopt via deze bank. Contant geldverkeer beperken we zoveel mogelijk.

Schatkistbankieren

Sinds 15 december 2013 is Schatkistbankieren wettelijk verplicht. Dagelijks worden alle overtollige liquiditeiten boven een drempelbedrag afgeroomd en aangehouden in de schatkist bij het Ministerie van Financiën. De drempel is vastgesteld op 2,0% van het jaarlijkse begrotingstotaal (2,0% van afgerond € 120.000.000). Dit betekent voor ons dat wij maximaal € 2.419.000 buiten de schatkist mogen houden.

Wij hebben met de BNG een automatische saldoregulatie schatkistbankieren afgesproken. Alle overtollige geldmiddelen boven de € 2.419.000 worden automatisch afgeroomd naar schatkistbankieren. Het voordeel hiervan is dat we voorkomen dat wij creditrente aan de BNG moeten betalen zodra wij meer dan € 2.419.000 in kas hebben.

Het doel van de deelname aan schatkistbankieren is om de EMU-schuld van de collectieve sector te verlagen. De decentrale overheden krijgen geen leenfaciliteit bij de schatkist. Jaarlijks totaliseert het CBS de EMU-saldi van alle overheidsinstanties. Uiteindelijk mag het tekort van alle overheden 3% van het BBP bedragen.

Deze pagina is gebouwd op 07/13/2026 15:43:40 met de export van 07/13/2026 11:44:16