Toelichting baten en lasten
In onderstaande tabel zijn de (totale) verschillen tussen de begroting en de rekening over het jaar 2025 weergegeven.
Daaronder is per programma een analyse opgenomen waarin we de verschillen tussen de begroting en de rekening 2025 toelichten (- = nadelig).
Bedragen x € 1.000 | ||||
Programma | Begroting 2025 Primair Saldo | Begroting 2025 Actueel Saldo | Rekening 2025 Saldo | Verschil Begroting Rekening |
|---|---|---|---|---|
Mens en Samenleving | -36.464 | -40.008 | -36.416 | 3.592 |
Leefomgeving, Duurzaamheid en Mobiliteit | -13.795 | -15.942 | -11.052 | 4.890 |
Economie, Werk en Inkomen | -14.755 | -15.808 | -13.559 | 2.249 |
Bestuur, Dienstverlening en Veiligheid | 75.958 | 80.268 | 80.146 | -122 |
- Overhead | -13.325 | -12.064 | -13.525 | -1.462 |
Saldo rekening baten en lasten | -2.380 | -3.554 | 5.593 | 9.148 |
Toevoeging aan reserves | -345 | -8.614 | -9.897 | -1.282 |
Onttrekking aan reserves | 1.632 | 17.842 | 11.693 | -6.149 |
Resultaat rekening baten en lasten | -1.094 | 5.673 | 7.389 | 1.716 |
Hieronder is per programma een analyse opgenomen waarin de verschillen tussen de begroting 2025 en de rekening 2025 zijn toegelicht (- = nadelig).
Bedragen x € 1.000 | ||
Programma | Toelichting | Verschil |
Mens en Samenleving | ||
Lasten: | ||
- | Er is nog een bedrag van € 91.000 beschikbaar voor onderhoud schoolgebouw de Bron en € 61.000 voor Kentalis. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. | 152 |
- | Investeringsbijdrage krediet Mallemolen, het bedrag van € 403.000 is voor de eenmalige kosten van het project. Staat lagere bijdrage uit reserve lopende projecten tegenover. | 403 |
- | De extra jeugdgelden (Blokhuismiddelen) en het budget opgaaf Sociaal domein hebben we in 2025 deels ingezet. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. | 342 |
- | Voor versterking van gemeentelijke dienstverlening is een deel van de ontvangen Rijksbijdrage in 2024 en 2025 nog niet volledig uitgegeven. | 99 |
Op het budget woonvoorzieningen houden we € 125.000 over. Het grootste deel hiervan (€ 106.000) is bestemd voor scootmobielstallingen, die we verspreid over meerdere jaren plaatsen. Dit hevelen we over naar 2026 door storting in reserve lopende projecten. | 125 | |
- | In 2024 hebben we een rijksbijdrage van € 120.328 ontvangen voor de impuls van sociale ontwikkelbedrijven. Het Werkbedrijf werkt een plan uit voor 2025. Dit bedrag is toegevoegd aan de reserve lopende projecten. | 120 |
De hierboven genoemde onderdelen worden verrekend met de algemene reserve of de reserve lopende projecten. Deze hebben daardoor geen invloed op het jaarrekeningresultaat. | ||
Overige voor- en nadelen: | ||
- | We hebben onderhoud gepleegd aan het Pontem college om het gebouw onderwijstechnisch geschikt te maken voor onderwijs aan AMV'ers. Hiervoor ontvangen we in 2026 nog een bijdrage in de kosten van de gemeente Nijmegen. | -81 |
- | De rijksbijdrage voor opvang Oekraïners is grotendeels gebaseerd op een normvergoeding. Deze inkomsten hebben we ook aan de lastenkant geraamd. Per saldo zijn de uitgaven € 387.000 lager dan geraamd. | 387 |
- | Het rijk gaat er bij de taakstelling voor inburgeringsplichtigen vanuit dat 70% van de taakstelling inburgeringsplichtig is (dit zijn de mensen waar wij geld voor ontvangen). In de praktijk ligt dit percentage rond de 50-60%. Dit verschil komt doordat het Rijk ook kinderen meeneemt als taakstelling, maar voor kinderen ontvangen wij geen geld. Afgelopen jaar hebben we veel (grote) gezinnen gehuisvest. De verwachting is dan ook dat de definitieve beschikking lager zal uitvallen. Daarnaast zijn er minder uitgaven gedaan dan begroot, met name voor opleidingskosten. De opleidingskosten zijn moeilijk in te schatten door de verschillende leerroutes (B1, Z1 en onderwijsroute). Ook is het zo dat deze opleidingen meerdere jaren lopen, een deel van de opleidingskosten valt dus niet in 2025. | 524 |
- | We hadden een stabilisatie van de reguliere begeleiding Wmo verwacht, maar de kosten zijn € 120.000 lager uitgevallen. Daarnaast is er een voordeel (€ 45.182) op de uitgaven voor kortdurend verblijf, omdat deze door de gemeente Nijmegen zijn gecompenseerd vanuit de centrummiddelen Beschermd Wonen. | 166 |
- | We ontvangen vanuit de regionale samenwerking Maatschappelijke Opvang en Beschermd Wonen extra middelen. We vormen een bestemmingsreserve voor de niet bestede middelen van de afgelopen jaren. | 562 |
- | Er is steeds meer sprake van specialistische (duurdere) begeleiding binnen de Jeugdhulp. Hierdoor verwachtten we een daling van de reguliere hulp. Deze daling bleef uit, waardoor de kosten € 100.000 hoger uitvielen dan begroot. Daarnaast bedroegen de zorgkosten voor jongeren zonder BSN (niet voorziene kosten) € 100.000 voor begeleiding. | -200 |
- | De zorgkosten voor jongeren zonder BSN (niet voorziene kosten) bedroegen € 209.000 voor jeugdhulp met verblijf. Hiertegenover zien we een lichte daling in de kosten voor zware 24-uursvoorzieningen (€ 62.000) en gezinshuiszorg (€ 34.000). Per saldo komen de zorgkosten voor jeugdhulp met verblijf hoger uit dan begroot. | -113 |
- | De directe personele kosten zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een voordeel ontstaan op dit programma. | 240 |
Baten: | ||
- | We hebben een hogere (rijks)bijdrage ontvangen voor de opvang van Oekraïners. | 97 |
- | In december 2025 heeft de gemeente een bedrag van € 220.000 ontvangen voor AMV-ers. Dit budget is maar voor een heel klein deel uitgegeven in 2025. Het restant (€194.499) willen we overhevelen naar 2026 en is opgenomen in de budgetoverhevelingen. | 220 |
Leefomgeving, Duurzaamheid en Mobiliteit | ||
Lasten: | ||
- | De investeringsbijdrage aan het project Zwembad de Lubert is lager dan begroot. Dit komt doordat het project nog niet is afgerond. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. | 504 |
- | In 2025 was budget van € 1,29 miljoen beschikbaar voor de Subsidie verduurzaming accommodatie verenigingen. Van dit budget is in 2025 maar een klein deel uitgegeven. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten. | 1.236 |
- | We hebben in voorgaande jaren van het Rijk bedragen ontvangen voor Duurzaamheid. Deze bedragen houden we beschikbaar voor duurzaamheid, maar hebben we in 2025 maar voor een klein deel uitgegeven. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. | 420 |
- | Lagere investeringsbijdrage Project Omgevingswet. Door uitstel van de wet is het project vertraagd en loopt voorlopig nog door. Ook de uitgaven verschuiven deels naar de toekomst. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. Daarnaast hebben we in 2025 extra geld van het rijk ontvangen via de algemene uitkering. Het restant van dit bedrag hevelen we over naar 2026. | 550 |
De hierboven genoemde onderdelen worden verrekend met de algemene reserve of de reserve lopende projecten. Deze hebben daardoor geen invloed op het jaarrekeningresultaat. | ||
Overige voor- en nadelen: | ||
- | Bij de Najaarsnota 2025 zijn de kapitaallasten bijgesteld. Voor het onderdeel wegen is per abuis een te groot bedrag afgeraamd. Dat leidt nu bij de Jaarrekening tot een nadeel van € 200.000. | -200 |
- | Door diverse voordelen op het taakveld riolering heeft geen aanwending van de voorziening plaatsgevonden, maar is er een dotatie aan de voorziening geweest. | 192 |
- | Diverse voordelen op het taakveld afval. Hier staat een lagere aanwending van de voorziening tegenover. | 109 |
- | Dit betreft diverse kosten in het kader van opgaves duurzaamheid en energiearmoede. Hier staan inkomsten (CDOKE en SPUK) tegenover. | -629 |
- | Lagere energiekosten voor de parkeergarages, sporthallen, zwembad, kermis en openbare verlichting. Energiekosten lager door LED verlichting en lagere verbruiken (afrekeningen eerdere jaren). | 332 |
- | De directe personele kosten zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een voordeel ontstaan op dit programma. | 55 |
Baten: | ||
- | Door diverse voordelen op het taakveld riolering heeft geen aanwending van de voorziening plaatsgevonden, maar is er een dotatie aan de voorziening geweest. | -162 |
- | Door diverse voordelen op het taakveld afval heeft een lagere aanwending van de voorziening plaatsgevonden. | -216 |
- | Dit betreft de vrijval van de specifieke uitkering van de CDOKE gelden, SPUK Lokale Aanpak Isolatie en SPUK Energiearmoede. Hier staan kosten op dit taakveld tegenover. | 883 |
- | We hebben een bedrag ontvangen van de ontwikkelaar bij de woningbouwontwikkeling in de Ooijse Graaf. We moeten dit voordeel nemen in de exploitatie van het boekjaar 2025. | 738 |
- | De leges omgevingsvergunningen zijn lager dan verwacht. Een deel van de leges die we in 2025 hadden verwacht realiseren we in 2026 en ook nog in de jaren daarna. De datum van aanvraag voor een bouwvergunning van een groter project heeft gevolgen voor de realisatie en kan daarmee deze opbrengst beïnvloeden. | -143 |
- | De Realisatiestimulans is een landelijke regeling die gemeenten financieel ondersteunt bij het bouwen van betaalbare woningen. Over 2025 ontvangen wij een bedrag van € 532.000. | 532 |
Economie, Werk en Inkomen | ||
Lasten: | ||
- | Budget van € 100.000 beschikbaar voor versterken bedrijventerrein I en II. Dit project is in 2025 niet volledig uitgevoerd. Hier staat lagere bijdrage uit reserve lopende projecten tegenover. | 89 |
- | De investeringsbijdrage aan het project St. Cecilia is lager dan begroot. Dit komt doordat het project nog niet is afgerond. Hier staat een lagere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. | 121 |
- | In 2024 hebben we € 120.328 Rijksbijdrage ontvangen voor de impuls van sociale ontwikkelbedrijven. Dit zetten we in 2026 in. Hier staat lagere bijdrage uit reserve lopende projecten tegenover. | 120 |
De hierboven genoemde onderdelen worden verrekend met de algemene reserve of de reserve lopende projecten. Deze hebben daardoor geen invloed op het jaarrekeningresultaat. | ||
Overige voor- en nadelen: | ||
- | Er is voor € 119.000 meer aan bijstandsuitkeringen verstrekt vanwege een toename van het aantal uitkeringsgerechtigden. | -119 |
- | Het Werkbedrijf heeft over 2025 een positief resultaat gerealiseerd op Op Weg Naar Werk van € 90.000. De nagekomen eindafrekening 2024 bedroeg daarnaast € 127.247 positief. | 217 |
- | Het Werkbedrijf heeft over 2025 een positief resultaat gerealiseerd op Sociale Werkvoorziening van € 6.000. De nagekomen eindafrekening 2024 bedroeg daarnaast € 274.342 positief. | 280 |
- | Het Werkbedrijf heeft over 2025 een positief resultaat gerealiseerd op Arbeidsparticipatie van € 117.000. | 117 |
- | De directe personele kosten zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een voordeel ontstaan op dit programma. | 327 |
Baten: | ||
- | In 2025 zijn meer bijstandsuitkeringen verstrekt vanwege een toename van het aantal uitkeringsgerechtigden. Daarom hebben we over 2025 hebben we recht op een vangnetuitkering. Deze vangnetuitkering valt € 420.647 hoger uit dan begroot vanwege het grotere BUIG tekort en de verlaging van de eigenrisico drempel van 5% naar 2,5%. | 421 |
- | In 2025 zijn we vanuit de gemeente Nijmegen voor € 70.157 gecompenseerd voor het lagere participatiebudget. Daarnaast ontvingen we eenmalig € 55.544 aan Tosss middelen. | 126 |
Bestuur, Dienstverlening en Veiligheid | ||
Lasten: | ||
- | Via de algemene uitkering hebben we in 2024 en 2025 € 240.000 ontvangen voor bluswatervoorzieningen in het buitengebied. We zijn hiervoor samen met de VRGZ een plan aan het maken. We verwachten pas in 2026 kosten te maken. Daarom hevelen we dit bedrag over naar 2026 door storting in de reserve lopende projecten. | 240 |
De hierboven genoemde onderdelen worden verrekend met de algemene reserve of de reserve lopende projecten. Deze hebben daardoor geen invloed op het jaarrekeningresultaat. | ||
Overige voor- en nadelen: | ||
- | Hogere loonkosten bestuur door verhoging van de bezoldiging van politieke ambtsdragers van gemeenten. | -77 |
- | De dotatie in 2025 voor de pensioenopbouw van de huidige wethouders is € 767.000 hoger. Dit is hoger doordat de rekenrente gestegen is. Daarnaast gaat het ABP per 1-1-2028 ook de pensioenregeling uitvoeren voor (voormalig) wethouders. Daardoor is de rekenmethodiek aangepast. Dat leidt ook tot een hogere dotatie. | -767 |
- | Lagere bijdrage Munitax. Er zijn mindere bezwaren ontvangen, waardoor met name de kosten voor bezwaarschriften lager zijn. | 112 |
- | De directe personele kosten zijn toegerekend aan de programma’s. Ten opzichte van de begroting is er een voordeel ontstaan op dit programma. | 161 |
Baten: | ||
- | De ozb opbrengst is € 157.000 lager dan verwacht. | -157 |
- | De hogere algemene uitkering is als volgt te verklaren: afrekening over 2023 en 2024 € +241.000 en decembercirculaire 2025 € - 32.000 (bijstelling van diverse maatstaven voor 2025). | 209 |
Overhead | ||
Lasten: | ||
- | Dit is de toerekening van de salaris- en inhuurkosten van de tijd die de organisatie aan dit programma besteedt. Hier staan voordelen op de andere programma's tegenover, want de totale salaris- en inhuurkosten zijn voordeliger dan begroot. | -852 |
- | Overige doorbelastingen van de kostenverdeelstaat (= kosten organisatie) zijn € 614.000 nadelig. De grootste oorzaken van dit verschil zijn: een nadeel van € 482.000 als verplichte dotatie aan de voorziening voormalig personeel en de voorziening verlofuren personeel, nadeel van € 76.000 op opleidingen, nadeel van € 53.000 op kapitaallasten, nadeel van € 57.000 op ICT-kosten, nadeel van € 52.000 op facilitaire kosten, een voordeel van € 97.000 op huisvestingskosten gemeentehuis/werf, voordeel van € 140.000 door een hogere UWV-uitkering en doorbelasting aan derden. Daarnaast is er een nadeel van € 92.000 investeringsbijdrage regeling thuiswerkfaciliteiten. Hier staat een hogere bijdrage uit de reserve lopende projecten tegenover. Verder zijn er diverse kleine verschillen die per saldo leiden tot een nadeel van € 39.000. | -614 |
Reserves | ||
Lasten (toevoegingen aan reserves): | ||
- | Voor een aantal budgetten het (restant) budget gestort in de reserve lopende projecten, omdat de betreffende projecten niet zijn afgerond in 2025. Per saldo gaat het om een bedrag van € - 1.237.000. Dit betreft realiseren veilige scootmobielstallingen (- € 106.000), extra jeugdgelden algemene uitkering (- € 579.000), inhuur coördinator vastgoed (- € 116.000), implementatie Participatiewet in balans (- € 68.000), Bluswatervoorzieningen in het buitengebied (- € 240.000), kerk Breedeweg (- € 52.000), investeringssubsidie Vrijheidsmuseum (- € 63.000) en integraal verkeersplan Beek-Berg en Dal (- € 13.000). Hier staan voordelen op de verschillende programma's tegenover. | -1.237 |
- | De toevoeging aan de reserve dekking kapitaallasten is hoger, omdat de stand van de reserve per 1 januari 2025 hoger was en daardoor meer rente is toegevoegd. | -45 |
Baten (onttrekkingen aan reserves): | ||
- | De eenmalige extra dotatie aan de voorziening onderhoud gebouwen Sport is niet nodig (€ 70.000). Daarnaast waren de kosten voor het LOS/Leader project iets lager dan begroot (€ + 2.000). Daardoor is de bijdrage uit de algemene reserve lager dan begroot. | -72 |
- | De reserve rekeningresultaten is niet ingezet, omdat er geen tekort is. | -355 |
- | De reserve verwachte begrotingstekorten is niet ingezet, omdat er geen tekort is. | -1.094 |
- | Er is een lagere onttrekking uit de reserve geweest door lagere lasten op diverse taakvelden/projecten. Dit betreft onderzoek St. Cecilia (- € 121.000), revitalisering de Mallemolen (- € 403.000), nieuwbouw zwembad de Lubert (- € 504.000), inrichting wmo-ruimtes (- € 36.000), duurzaamheid/klimaatakkoord (- € 739.000), inburgering problematiek statushouders (- € 53.000), voorkomen dak- en thuisloosheid (- € 50.000), extra rijksgelden jeugdhulp (- € 324.000), ambulantisering GGZ wmo (- € 494.000), project Herinrichten Planning & Control (- € 10.000), project vitale vakantieparken (- € 43.000), energiebesparende maatregelend den Ienloop (- € 25.000), werkervarings- en vrijwilligersplaatsen (- € 43.000), watertappunten (- € 37.000), flankerend beleid energiearmoede (- € 26.000), dienstverlening gemeenten aanpak armoede en schulden(- € 34.000), schoolgebouw Kentalis (- € 37.000), schoolgebouw De Bron (- € 91.000), operatie Steenbreek (- € 41.000), versterken berdrijventerrein I en II in Groesbeek (- € 89.000), impuls sociale ontwikkelbedrijven (- € 120.000), subsidie verenigingen/stichtingen verduurzaming accommodaties (- € 1.252.000), ontsluitng TOP Beek (- € 47.000) en uitvoeringsagenda Samen Sterk voor inclusieve kinderopvang/onderwijs (- € 55.000). | -4.625 |
- | Lagere bijdrage uit de reserve Natuur & Landschap volgens de werkelijke uitgaven in 2025. | -26 |
- | Hogere bijdrage uit de reserve groen-blauwe diensten volgens de werkelijke uitgaven in 2025. | 17 |
- | Van een tweetal projecten is de afschrijving is nog niet gestart, omdat deze projecten nog niet zijn afgerond. Daarnaast kan een deel van de reserve vrijvallen. Daardoor is de bijdrage uit de reserve dekking kapitaallasten hoger dan begroot. | 25 |
- | Lagere onttrekking uit de reserve wateroverlast, omdat project wateroverlast Breedeweg nog niet is afgerond waardoor de afschrijving nog niet is gestart. | -36 |
- | Dit betreft de onttrekking aan de reserve Speeltuinen volgens de werkelijke uitgaven in 2025. | 16 |
